III. De
kinderen van het echtpaar Ahasver Bausch en Wilhemina Blankarts
De oudste
zoon werd genoemd naar de grootvader van
vaderskant. Bij de eerste erfdeling rond 1631 was hij reeds gestorven. De
belangen van zijn onmondige kinderen werden waargenomen door de pastoor Palen ,
Johann Bausch en Johan Kremer. Uit de verschillende erfdocumenten komen zussen, Catharina en Gertrud, in beeld die met hun echtgenoten en kinderen aanspraak
maken op hun deel van het erfgoed. Ahasver Bausch , de enigste zoon van de voor
1631 gestorven Werner schijnt ongetrouwd
gebleven te zijn.Hij woonde in Inden en voert na 1665 meerdere processen tegen
zijn familie Bausch in Inden.
Deze tweede
zoon ontvangt de voornamen van zijn grootvader van moeders kant Dietrich Blankarts van
Aken.Dietrich is ongeveer rond 1592/95 geboren. In 1620 trouwde Dietrich , zoon
van Ahasver, Maria Paland , met de dochter van Matthaus Paland en Margarethe
von Gladbach zu St.Jöris. Drie zonen , Ahasver, Albert en Adam leefden
op 18.6.1660 wanneer het tot een vergelijk komt bij een erfeniskwestie met hun Oom Johann Bausch. De jongste zoon
Adam woont ongehuwd in Inden terwijl de oudere broers trouwen en nakomelingen
hebben.
De jongste
zoon heet Johann en is ongeveer
1595/1600 geboren.Hij trouwde op 1630/1635 met Johanna Brewer, dochter
van Johannes Brewer en Johanna von der Hütten van Berzbuir. Hij woonde op de
Wolfshof te Inden, die zijn grootvader in 1564 verworven had en later zijn
dochter Johanna , echtgenote van Abrahm Deuster had. Op 30.8.1636 erft hij voor zijn vrouw de helft van Brewerischen
bezit in Vilvenich , ongeveer 30 morgens land. Rond 1657, na de dood van zijn
schoonzus Catharina Byssman ( echtgenote van Johannes Brewer ) , erft zijn vrouw
een zesde van de Lehnhof van Berzbuir. Johann Bausch was in 1645 schepen van
Inden.Hij kan de voogd van zijn neven Ahasver, Albert en Adam geweest zijn.Het
is na wijzen dat Ahasver en
De jongste
dochter Wilhlemina trouwt op 30.7.1673 met Wolfgang Wilhelm Hundius, predikant,
zoon van de Hofpredikanten Johannes Hundius en Catharina de Ro.
De twee
andere dochters Johanna en Anna Christine zijn bij de dood van hun vader nog niet
volwassen.
Van de drie
dochters trouwde Katharina Bausch rond 1623 met Sixtus Sixtie, burger van
Dúren. Op 8.2.1624 wordt een dochter gedoopt maar wordt vergeten een naam op te
schrijven.
Sixtus
Sixty maakte in 1636 zijn testament en zal datzelfde jaar gestorven zijn.
-
De tweede dochter Maria Bausch trouwde rond 1630 met Peter
Contreil.
Ze is in 1641 gestorven , vermoedelijk
in Heidelberg.
-
De jongste dochter Christine trouwde voor een tweede maal
,in ca 1638 , met de Hof predikant uit Dusseldorf. Haar echtgenoot, predikant
Hundius, bemiddelt regelmatig bij erfenis twisten in de famile Bausch.Een
vergelijk van 18.9.1660 komt door zijn initiatief -en bemiddeling tot stand. In een brief van
1665 aan zijn neven in Inden ,wijst
hij krachtig op zijn bemiddelingspogingen hetgeen niet
verhinderen kan dat vanaf 1665 de familie weer met elkaar gaat procederen.